Na het Sint-Rochuskapelleke rijpte in 1885-1886 in Deurne-Zuid het plan om een grotere kapel te bouwen die voor eredienst zou kunnen gebruikt worden. Ridder G. van Havre was bereid daartoe 21 roeden grond te verhuren tegen de Herentalsebaan ter hoogte van de huidige schoenwinkel Yvonne aan de huurprijs van 15,75 F per jaar.
Een inrichtingscommissie bestaande uit P.M. Peeters, FL. de Preter, G.J. Stevens, J.E. Embrechts, P.J. Keteleer, F. Hellemans zou zich met de verwezenlijking van het plan bezighouden.
Op 18 december 1886 verleende de Minister van Oorlog toelating om een houten kapel op te richten.
De Hr. Ch. Van Beylen, aannemer uit Borgerhout bouwde de kapel voor 5865 F. Ze was 35 m lang,10 m breed en 4 m hoog.
In november 1887 werd in de nieuwe kapel mis gelezen door een pater Trappist.
Begin 1888, kreeg Deurne-Zuid E.H. Stanislas Vervoort als kapelaan. Met O.L. Vr. Lichtmis droeg hij zijn eerste mis op in de kapel. Frans De Roeck was toen koster.
Eerst woonde de kapelaan in de Boterlaarbaan, later in een houten woning recht over de kapel.
Bij Koninklijk besluit van 30 mei 1889 werd de St-Rochuskapel, na gunstig advies van de gemeenteraad, als hulp- of parochiekerk erkend en op 24 juni werd kapelaan Vervoort tot pastoor benoemd.
In 1890 werd de raad van de kerkfabriek samengesteld uit voorzitter Emm. De Browne de Tiège. Leden waren Martinus Peeters, Paul Cogels, Louis Somers, Jozef Stevens, Florent Pauwels en pastoor Vervoort.
Op 11 augustus droeg de inrichtingscommissie de kapel met alle voordelige en nadelige rechten over aan de kerkfabriek.